Ga naar de inhoud

Extrapulmonale tuberculose in Nederland, een epidemiologisch overzicht, 1993–2022

Over dit artikel

Tuberculose (TB), een besmettelijke ziekte veroorzaakt door Mycobacterium tuberculosis, blijft een groot wereldwijd probleem voor de volksgezondheid en treft jaarlijks zo’n 10 miljoen nieuwe patiënten. De incidentie van tuberculose is gestegen tot het hoogste niveau in de recente geschiedenis, met name in lage- en lagere-middeninkomenslanden na de COVID-19-pandemie.

Samenvatting

Achtergrond

Extrapulmonale tuberculose (EPTB) vormt aanzienlijke diagnostische en therapeutische uitdagingen in omgevingen met een lage incidentie zoals Nederland. Ondanks een dalende algehele incidentie van tuberculose (TB), is het aandeel EPTB gestegen, vooral onder migrantenpopulaties. Deze studie onderzoekt sociaaldemografische, migratiegerelateerde en klinische factoren geassocieerd met EPTB van 1993 tot 2022 om TB-diagnostiek en -zorg te informeren.

Methoden

Een retrospectieve kwantitatieve analyse van 34.048 TB-patiënten gemeld bij de Nederlandse Tuberculose Registratie (1993-2022) werd uitgevoerd. Logistische regressie werd gebruikt om associaties met EPTB te identificeren. Temporele trends in EPTB en pulmonale TB (PTB) werden geëvalueerd, inclusief stratificatie naar leeftijd, geboorteland en duur van verblijf.

Resultaten

Gedurende de studieperiode steeg het aandeel EPTB van 37% naar 50%. EPTB kwam vaker voor bij vrouwen (adjusted odds ratio (aOR) 1,53; 95% BI 1,45–1,62) en kinderen jonger dan 14 jaar (aOR 2,83; 95% BI 2,46–3,24). In het buitenland geboren personen, met name uit India, Somalië, Eritrea, Ethiopië en Pakistan, hadden een hogere kans op EPTB vergeleken met in Nederland geboren personen (aOR-bereik: 2,33–3,86). EPTB werd ook geassocieerd met hiv-infectie (aOR 1,73; 95% BI 1,43–2,11), maar was omgekeerd evenredig met sociale risicofactoren zoals dakloosheid en problematisch middelengebruik. TB werd opvallend vaak gediagnosticeerd bij personen die langer dan 10 jaar in Nederland woonden, vaker EPTB dan PTB.

Conclusie

Het toenemende aandeel EPTB onderstreept de noodzaak van gerichte interventies, met name voor risicogroepen zoals vrouwen, kinderen en migranten. Verbeterde screening, vroege opsporing en preventieve strategieën, met name voor tuberculose-infectie (TBI), zijn cruciaal voor het verminderen van de morbiditeit en mortaliteit van EPTB.

Publicatie

Dit onderzoek is gepubliceerd:
Extrapulmonary tuberculosis in The Netherlands, an epidemiologic overview, 1993–2022
Frouke A. Procee, Jizzo R. Bosdriesz, Frank G.J. Cobelens, Maria Prins, Sabine M. Hermans, Anton E. Kunst.
Journal of Clinical Tuberculosis and Other Mycobacterial Diseases 2025; 40(Aug), 100546.

Bekijk ook

Evaluation of a personalized, dose-sparing revaccination strategy in hepatitis B vaccine non-responders 

Christian Beulens - PH126

Wetenschappelijke publicatie

Evaluatie van een gepersonaliseerde, dosisbesparende hervaccinatiestrategie bij patiënten die niet reageren op het hepatitis B-vaccin Samenvatting AchtergrondDe titerhoogte bij non-responders,...

Supersoldaten? Morele dilemma’s in human enhancement: perspectieven van operationeel militair artsen

Sanne de Bruijn - PH195

Wetenschappelijke publicatie

Krijgsmachten hebben altijd geprobeerd manieren te vinden om hun optreden te optimaliseren en cognitieve en fysieke prestaties van militairen te...

Ervaringen van artsen bij de verzekeringsgeneeskundige beoordeling tijdens de COVID-19-pandemie: telefonisch versus fysiek

Jochem Wigman - OH161

Wetenschappelijke publicatie

Met deze kwalitatieve studie is onderzocht welke factoren een rol speelden bij de keuzes van UWV-artsen voor fysieke of telefonische...